Welke gevolgen heeft politieke wederopstanding Frans-Duitse as voor Europa en Nederland?
reportage, gepubliceerd op 07 Mar 2018, door Thomas Borst

Met de definitieve totstandkoming van een Duitse regering bestaande uit CDU/CSU en de SPD, worden de contouren van het Europa van de toekomst langzaam duidelijk. Het nieuws uit Berlijn is een droomscenario voor de Franse president Macron; zijn uitgestoken hand om de eurozone te hervormen wordt door Merkel gegrepen. Welke gevolgen heeft de wederopstanding van de Frans-Duitse as voor de muntunie, het politieke klimaat in Europa en de positie van Nederland?

Verstrekkende Europese samenwerking op het gebied van veiligheid en justitie, terrorismebestrijding, klimaat, migratie en asiel – het zijn integratieprocessen die zowel in Berlijn als Parijs worden bepleit en waarvoor Merkel en Macron de Europese begroting flink willen opschroeven. Maar bovenaan de Europese agenda staat de hervorming van de eurozone. De financieel-economische fundering onder de muntunie is in de huidige opzet niet bestand tegen een een nieuwe financiële crisis, is de tendens van economen. Daarom willen Frankrijk en Duitsland de eurozone rehabiliteren en langzaam uitbouwen tot een economische wereldmacht.

Welke plannen hebben Duitsland en Frankrijk met betrekking tot de muntunie?

In het gesloten akkoord met de SPD kiest Merkel voor binnenlandse continuïteit en schept ze ruimte voor Europese hervorming. Uit een in Duitse media circulerende analyse van het regeerakkoord blijkt dat het document een behoorlijk sociaaldemocratisch gehalte bevat: circa 70% van de tekst is geschreven met een SPD-pen. De Europese plannen van de SPD komen vrijwel overeen met de idealen van Macron: een onafhankelijk bestuurlijke instelling voor de eurozone, bestaande uit een minister van Financiën met budgettaire verantwoordelijkheid voor een Europees begrotingsbeleid dat wordt gecontroleerd door een eurozone-parlement.

In het gesloten akkoord tussen de SPD en CDU/CSU komt geen Europese minister van Financiën voor, maar de ambitie om Frankrijk tegemoet te komen galmt meermaals door in het regeerakkoord. ‘Wij zijn voor het ter beschikking stellen van begrotingsruimte voor de economische stabilisering, de sociale aanpassing en het ondersteunen van structurele hervormingen in de eurozone. Dat kán een toekomstige begroting voor de eurozone zijn,’ houdt de nieuwbakken Duitse regering echter een slag om de arm.

Een andere Franse wens – het hervormen van Europees Stabilisatie Mechanisme (ESM) tot een Europees Monetair Fonds (EMF) – wil Duitsland graag realiseren.  Een EMF moet lidstaten kunnen ondersteunen in een vroeg stadium van economische hervorming, dankzij een financiële injectie en technische expertise. Het huidige fonds evalueert tot een Europese equivalent van het Internationaal Monetair Fonds, is de Frans-Duitse gedachte. Een monetaire minister moet leiding geven aan het EMF. Die minister is ook voorzitter van de eurogroep en richt zich op groei van de eurozone door de Europese economieën meer op elkaar af te stemmen. Verder opent het Duitse regeerakkoord de deur voor een investeringsbudget voor de eurozone.

Om de euro te versterken, gaat Duitsland binnenlandse prijzen opschroeven om andere eurozonelanden meer exportmogelijkheden te bieden en de muntunie collectief progressie boekt. Het idee daar achter: Europa moet als continentaal machtsblok opereren in de wereldeconomie om niet te verbleken tussen mondiale zwaargewichten als China en Amerika. De samenwerking met Frankrijk moet een aanzet zijn tot meer economische daadkracht op Europees niveau.

Hoe gaan Frankrijk en Duitsland de politieke samenwerking vormgeven?

David Criekemans, hoogleraar Internationale Politiek aan Universiteit Antwerpen, denkt dat Duitsland en Frankrijk elkaar zullen vinden in de slag om technologische innovatie: op het gebied van energietransitie en klimaatverandering zijn er veel politieke gelijkenissen én uitdagingen voor Europa. ‘Merkel noemt dat de vierde industriële revolutie. Al zal ze de Duitse industrie blijven beschermen bij een Europese energietransitie.’

Niet alleen op technologisch gebied verwacht Criekemans veranderingen, maar hij voorziet ook een verschuiving in de Europese hiërarchie, in het voordeel van Macron. ‘Hij wordt de nieuwe leider van Europa en moet het nieuwe Europese elan vertegenwoordigen. Merkel is bezig aan haar laatste imperium.’

‘Voor Merkel is het belangrijk dat er stabiliteit komt. Ze zal Macron helpen, want als hij zijn ambities niet kan verwezenlijken, resulteert dat in nog meer chaos in Europa,’ zegt Mendeltje van Keulen, hoogleraar Europese studies en voormalig griffier van de Kamercommissie voor Europese Zaken. ‘Het is onvermijdelijk dat Frankrijk en Duitsland tot een nieuwe vormgeving van de eurozone gaan komen.’

Met een Europees Monetair Fonds moeten situaties als in 2015, toen Griekenland op de rand van een faillissement balanceerde en bijna uit de eurozone stapte, vroegtijdig worden voorkomen. In dat proces zal de hand van Merkel langzaam vervagen. Macron heeft meer steun in eigen parlement dan de Duitse bondskanselier dat heeft en ze heeft de Duitse ministeries van Financiën en Buitenlandse Zaken moeten afstaan aan SPD-ministers. De vorige minister van Financiën, Wolfgang Schaüble, was fel gekant tegen de Franse economische plannen voor Europa. Zijn houding leidde tot frustratie bij zuidelijke lidstaten, maar de rigide eurokoers is door de toekenning van SPD-ministers nu politiek geneutraliseerd.

Hoe ziet het Nederlandse kabinet de toekomst van de EU?

Premier Rutte was vrijdag duidelijk toen hij zijn Europese visie ontvouwde op een persconferentie in Berlijn: hij voorziet een pragmatische koers voor Europa waarbinnen individuele verantwoordelijkheden en soevereiniteit van de lidstaten verankerd blijven – ‘Brussel dient de lidstaten, niet andersom’. Rutte beoogt geïntensiveerde samenwerking op de beleidsterreinen defensie, migratie, veiligheid en klimaatverandering, maar hij bleef tegelijkertijd waarschuwen dat Europa de eigenheid van de afzonderlijke lidstaten niet teveel mag beïnvloeden – ofwel minder politieke centralisatie in Brussel, daarvoor zal ook de begroting omlaag moeten, vindt Rutte.

Namens het kabinet zal Rutte de steun uitspreken voor de oprichting van een EMF, mits de lidstaten daarin het monetair beleid bepalen. Tegenover een lening uit het fonds staat een harde belofte dat de economie wordt hervormd en de staatsschuld wordt teruggedrongen. Hij bleef hameren op het nakomen van beloftes van de lidstaten – zij komen pas in aanmerking voor subsidie als ze bereid zijn tot hervorming. Rutte sprak zich fel uit tegen mutualisering: de overheidsfinanciën blijven een nationale zaak. Als Europa collectieve verantwoordelijkheid moet dragen voor de staatstekorten van individuele lidstaten ‘groeit het uit tot een reus op lemen voeten’, verzekerde de premier.

Rutte wil de Nederlandse bijdrage aan de EU-begroting terugschroeven en is fel tegenstander een transferunie. Zijn Europese plannen contrasteren sterk met die van Frankrijk en in mindere mate met Duitsland. Rutte lll kiest voor behoudende politiek. Waar Macron het gaspedaal van de Europese integratiemotor graag diep intrapt, gaat Rutte op de rem staan. ‘Dat het Nederlands Elftal zich niet voor het WK plaatst, is geen reden om een Europees voetbalelftal te bepleiten.’

Hoe kan Nederland tegengas bieden aan Macron?

‘Nederland staat vrijwel alleen in Europa,’ constateert Criekemans. Van oudsher was Groot-Brittannië een natuurlijke bondgenoot voor Nederland om politieke centralisatie in Brussel te beteugelen en nationale soevereiniteit te waarborgen. ‘An ever closer union’, typeerde Rutte als ‘vreselijke woorden’ – een opmerking die twee jaar terug uit de mond van David Cameron had kunnen komen.

Nu het Verenigd Koninkrijk van het Europese toneel verdwijnt, moet Nederland op zoek naar nieuwe bondgenoten. Tijdens de eurotop over de EU-begroting werden Nederland, Zweden, Denemarken en Oostenrijk neergezet als ‘de gierige vier’, vanwege hun terughoudende investeringsambities. Van dat kwartet is alleen Oostenrijk ook lid van de eurozone.  Dat Nederland en Oostenrijk vergelijkbare Europese doelen voor ogen hebben, onderstreepte  Rutte door op de eerste dag van dit jaar het befaamde Oostenrijkse Nieuwjaarsconcert van Wiener Philharmoniker te bezoeken, op uitnodiging van de Oostenrijkse premier Sebastian Kurz.

De naderende samenwerking met Oostenrijk voorkomt een ideologisch isolement voor Nederland, maar om Europa te overtuigen zal meer nodig zijn. De Zuid-Europese lidstaten zullen op de hand van Frankrijk zijn. ‘Macron toonde zich tijdens zijn vorige functie als Franse minister van Financiën al bezorgd omtrent de positie van de Mediterrane landen van de eurozone,’ zegt Criekemans. Ook Van Keulen is overtuigd van de samenwerking van Macron en Merkel; Rutte zal zijn Duitse collega moeten overtuigen. Als hij zijn Europese regeringsplannen wil realiseren, dan wacht hem een diplomatieke koorddansact.

Welke invloed heeft de politieke situatie in Europa op het Nederlandse debat?

Criekemans denkt dat het vernieuwde Europese krachtenspel het politieke debat in Nederland beïnvloeden. ‘Het huidige debat is te eenzijdig in Nederland. Er wordt gehamerd op hervormingen van zwakke economieën, maar lidstaten die technologisch vooropstaan – zoals Duitsland en Nederland – kunnen genieten van een zwakke euro door export van hun producten, ook naar het zuidelijk deel van het continent.’ Toverwoord bij een nieuwe muntunie zal ‘solidariteit’ zijn, in plaats van ‘verantwoordelijkheid’, verwacht de hoogleraar.

‘De minimalistische inzet van het Nederlandse kabinet is vooral gevaarlijk. Door de stellige en strenge houding neemt Rutte een moeilijke positie in het constructieve debat over de eurozone. Een debat waarin Duitsland en Frankrijk elkaar gaan vinden,’ zegt Van Keulen, die namens de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid onderzocht waarom een meerderheid van Nederland in 2005 tegen een Europese grondwet stemde.  Ze ziet parallellen met het huidige Europa-debat.

‘Door jaren lang terughoudend te zijn met Europese integratie, ontstaat een beeld in Nederland dat we het  heel lang zelf konden bepalen en het beleid nu voor ons wordt bepaald. De kloof in het Europa-debat is deels ontstaan omdat burgers niet worden meegenomen in het verhaal,’ constateert Van Keulen. ‘Rutte creërt zijn eigen legitimiteitsdebat door te zeggen dat hij geld gaat terughalen uit Europa en de eurozone weigert te hervormen. Die houding leidt tot frustratie in Nederland, want alle experts voorspellen dat de muntunie wordt hervormd. De rol die Rutte aanneemt is problematisch.’

Een bewerkte versie van dit artikel is gepubliceerd op de website van HP/deTijd.