Meer dakloze mensen door flexibilisering arbeidsmarkt
verhaal, gepubliceerd op 21 Feb 2019, door Peter Donker van Heel

Meer dakloze mensen[i] door flexibilisering arbeidsmarkt

De schattingen van het aantal dakloze mensen variëren van 30 duizend tot 430 duizend. Het probleem groeit en het is aannemelijk dat de groei zal versnellen. Boosdoener: de flexibilisering van de arbeidsmarkt.

Door: Peter Donker van Heel

  

Geen zicht op omvang dakloosheidsprobleem

Onbekend is hoeveel dakloze mensen er zijn, hoeveel nieuwe dakloze mensen er jaarlijks bijkomen en hoeveel er woonruimte vinden. De duur van de dakloosheid is onbekend, evenals de frequentie. Voor zover er iets bekend is, zijn dat onderschattingen. Het meetprobleem is vooral, dat er geen zicht is op mensen die niet geholpen worden door maatschappelijke instellingen. Vermoedelijk is een grote groep buiten beeld.[ii]

Er zijn 430 duizend mensen geregistreerd als “Vertrokken Onbekend Waarheen (VOW)” in de Basisregistratie Personen van gemeenten.[iii] Die zijn in het buitenland, overleden, in de gevangenis, of “zonder vaste woon- of verblijfplaats”.[iv] Illegalen – die nooit ingeschreven zijn geweest – vallen hier buiten.

Het CBS komt op 30.500 dakloze mensen per 1 januari 2016. Dit betreft feitelijk daklozen, dat wil zeggen mensen zonder woon- of verblijfplaats, die buiten slapen, in tijdelijke nachtopvang, of tijdelijk bij vrienden en bekenden. De schatting is exclusief mensen die 24 uur per dag worden opgevangen in afwachting van een woning. Ook mensen die door het jaar heen dakloos zijn geweest vallen hier buiten, evenals dakloze mensen die onbekend zijn bij de instanties. Dakloze jongeren tot 18 jaar zijn in deze meting beperkt meegenomen.

In het jaar 2017 registreerde de Federatie Opvang 70.200 mensen, aan wie op één of andere wijze hulp is gegeven.[v] Dit zijn niet allemaal dakloze mensen. Meegerekend zijn ook mensen uit klinieken en detentie. Dit gegeven wordt gebruikt in wetenschappelijk onderzoek.[vi] Ook in deze bron ontbreekt een onbekend aantal jongeren tot 18 jaar en dakloze mensen die onbekend zijn bij de opvang.

 Probleem groeit: over tien jaar is hulp nodig voor minimaal 100.000 dakloze mensen

De trend is duidelijk: die is stijgend. Het CBS laat een jaarlijkse toename zien van 8,0 procent (2009-2016) en de Federatie Opvang een stijging van 3,4 procent (2010-2017). Over tien jaar zal – bij gelijkblijvende groei en omstandigheden – aan 100 duizend daklozen hulp moeten worden geboden.

Maar het probleem wordt waarschijnlijk groter. Er aanwijzingen dat de groei zal toenemen. Dit heeft niet alleen te maken met afnemende budgetten voor medische en psychiatrische zorg, maar ook met economische omstandigheden, zoals werkloosheid en faillissement.[vii]

Verschillende oorzaken, verschillende behoeften

De aard van de dakloosheidproblematiek verschilt van persoon tot persoon. Alles overziend zijn er drie deelprobleemgebieden te onderscheiden, die samenhangen met de oorzaken van dakloosheid: welzijns-, sociale en economische problematiek.

Bij welzijnsproblematiek gaat het vooral om psychiatrische aandoeningen, licht verstandelijke beperkingen, of ziekten. Daarnaast speelt verslavingsproblematiek (drugs, alcohol, gokken, koopziekte). Het zijn individuele probleemgevallen met een lange tot oneindige duur. Psychiatrische en medische zorg zijn hierbij aan de orde.

Sociale factoren zijn vooral relatieproblemen, zoals gezinsproblemen, van huis weglopen, echtscheiding, verbroken relaties, op de vlucht zijn, of een verleden als gedetineerde. Dit zijn relatief kortstondige – meestal traumatische – gebeurtenissen, waarbij problemen spelen tussen mensen. Het is een groep met behoefte aan maatschappelijke ondersteuning, zoals jeugdzorg en gezinshulp.

Steeds vaker hebben de oorzaken van dakloosheid een economische component. (Plotselinge) achteruitgang in inkomsten kan uitmonden in armoede en schulden, en vervolgens in huisuitzetting. Werkloosheid of te weinig inkomsten als zzp’er kunnen hierbij een rol spelen, zoals onderzoek laat zien.[viii]

Kenmerkend voor (langdurige) werkloosheid is de neerwaartse spiraal: geen nieuwe baan kunnen vinden leidt tot ontmoediging, tot lichamelijke en psychische klachten, tot isolement, en soms tot drugsverslaving. Al in de fase voorafgaande aan dakloosheid ontstaan bij langdurig werklozen problemen waar men zelf niet meer uitkomt. Ondersteuning bij het vinden van werk kan voor deze groep uitkomst bieden.

De eerste behoefte van dakloze mensen is een betaalbare woning.

Versneld bergafwaarts

Vanaf het moment dat iemand dakloos wordt, gaat het in korte tijd snel bergafwaarts. De neerwaartse spiraal werkt dan voor iedereen.

De eerste belemmeringen dienen zich direct aan op de eerste dag van dakloosheid. Zonder adres geen zorgverzekering, geen medische of psychiatrische zorg, geen bankrekening, geen uitkering, geen nieuw paspoort en geen werk. Een briefadres bij een vriend of een bekende stuit veelal op bezwaren van gemeenten: “Onvoldoende regionale binding”.[ix] Deze obstakels zijn niet beïnvloedbaar door de dakloze persoon zelf.

Vervolgens blijkt dat er niet altijd plaats is bij maatschappelijke opvang. Zonder psychiatrisch of drugsprobleem is het steeds moeilijker om opvang te vinden. Het argument is dan dat iemand “zelfredzaam” is. “Je hebt een goed functionerend stel hersens en een eigen netwerk.” Meer dan de helft van de mensen die zich bij de GGD in Amsterdam als dakloze meldden is om deze reden geweigerd.[x]  Er is een tekort aan (betaalbare) huisvesting. En er is geen betaald werk beschikbaar voor deze groep mensen, ook geen uitzendwerk. De arbeidsmarkt staat niet open voor dakloze mensen.

Deze hindernissen hebben hun weerslag op de dakloze mens. De stress neemt toe, versterkt door onveiligheid op straat, gebrek aan goede slaap, gebrek aan hygiëne en toenemende schulden. De druk vanuit incassobureaus kan behoorlijk oplopen.[xi] Psychische klachten en verslaving kunnen het gevolg zijn.

Flexibilisering van de arbeidsmarkt brengt dakloosheid met zich mee

We verleggen het perspectief nu van de dakloze mens naar de arbeidsmarkt. Van micro naar macro. Dan wordt duidelijk dat er meer aan de hand is. Conjunctuur speelt een rol. De afgelopen crisis heeft gezorgd voor meer dakloosheid. Belangrijker is de dominante trend van flexibilisering. De vaste baan verdwijnt en het aantal zzp’ers neemt sterk toe (zie figuur).[xii] Wat betekent de flexibilisering van de arbeidsmarkt voor dakloosheid?

De maatschappelijke aspecten van de flexibilisering van de arbeidsmarkt zijn uitvoerig beschreven door gerenommeerde  instanties zoals de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, het Sociaal Cultureel Planbureau en het Centraal Planbureau. Het gaat dan over armoede en het ontstaan van een tweedeling in de samenleving. Echter, de relatie tussen de flexibilisering van de arbeidsmarkt en dakloosheid is nog niet of nauwelijks aan de orde gesteld.

Een causaal verband is zeer aannemelijk. Een toename van het aantal zzp’ers gaat samen met meer dakloze zzp’ers. Dit zijn zzp’ers die onvoldoende inkomen kunnen realiseren, of die failliet zijn gegaan. Minder vaste banen betekent minder zekerheid en minder inkomen. Een lager aandeel vaste banen gaat samen met meer dakloosheid. De cijfers brengen dit in beeld (zie figuur). Meer zzp’ers en minder vaste banen leiden tot meer dakloze mensen.[xiii]

 Dakloosheid als eindstation van de flexibele arbeidsmarkt

Opvallend is dat de omvang  en de aard van het probleem van dakloosheid niet goed in beeld is. Dit maakt beleidsvorming lastig.

De analyse laat verder zien dat de groep dakloze mensen gaat toenemen, bij gelijkblijvend beleid. Economische problematiek versterkt de groei van het dakloosheidsprobleem. Dit leidt tot een grotere behoefte aan betaalbare woningen en opvang.

De problematiek van dakloosheid is complex. Deze korte verkenning laat zien, dat het belangrijk is aandacht te besteden aan een arbeidsmarkt, die kansen en zekerheid biedt voor iedereen. Bij discussies over de flexibilisering van de arbeidsmarkt dient het perspectief te worden verlegd. Tweedeling krijgt een scherpe rand. Het eindstation is niet een uitkering, maar dakloosheid.

 

Nawoord Rina Beers, Federatie Opvang Flexibilisering van de meest basale bestaansvoorwaarden, huisvesting en inkomen, kan de kans op dakloosheid vergroten. Tijdelijke, flexibele arbeidscontracten en tijdelijke huurcontracten verminderen de bestaanszekerheid. Het eindigen van het arbeidscontract kan direct gevolgen hebben voor het kunnen voldoen van de huur. Bij arbeidsmigranten uit Oost-Europa zien we dat het sterkst. Stopt het werk, dan valt vaak ook de huisvesting weg. Voor Nederlanders geldt dat de voorwaarden voor het vangnet van werkloosheidsuitkering en bijstand zijn aangescherpt. Het vangnet van de verzorgingsstaat heeft daarmee grotere mazen gekregen, waar mensen sneller doorheen kunnen vallen. We zien dat terug in de aantallen mensen die aankloppen voor opvang. Het artikel laat goed zien dat flexibilisering van de arbeidsmarkt, onbedoelde en ongewenste effecten meebrengt, namelijk toename van armoede en dakloosheid. Aan te bevelen is dan ook om bij verdere flexibiliseringsvoorstellen de maatschappelijke kosten daarvan in beeld te brengen.

Noten

[i] De term ‘dakloze’ heeft (onbedoeld) een stigmatiserende werking en wordt daarom niet gebruikt als zelfstandig naamwoord.

[ii] Een educated guess is dat de zichtbare groep dakloze mensen ongeveer even groot is als de niet zichtbare groep. Uit (wat verouderd) onderzoek blijkt dat 54 procent van de dakloze mensen wordt bereikt door de opvang in Leiden, 44 procent in Utrecht en 49 procent in Alkmaar (Hulsbosch, L., e.a., Dakloos in Leiden, Trimbos Instituut, 2015). Zie ook eindnoot x. Nader onderzoek naar deze verhouding is noodzakelijk.

[iii] Zij zijn wel bekend als mensen die ooit in Nederland verbleven en ingeschreven zijn geweest als rechtmatig in Nederland verblijvende personen.

[iv] Rina Beers (Federatie Opvang), in: Trouw, 3 maart 2016.

[v] De hulp is in de vorm van dag- of nachtopvang, beschermd en  begeleid wonen, begeleiding aan huis gericht op stabiel wonen en voorkomen van huisuitzetting. Het gaat om tienermoeders, ggz cliënten, cliënten met forensische zorg, dakloze jongeren, ggz patiënten, dakloze moeders met kinderen, ex-gedetineerde mensen, slachtoffers mensenhandel et cetera.

[vi] Straaten, B. van, (2016), On the way up? Exploring homelessness and stable housing among homeless people in the Netherlands, EUR, Rotterdam.

[vii] Rina Beers (Federatie Opvang), in: NRC, 10 januari 2019; Telegraaf, 25 oktober 2018; College voor de Rechten van de Mens, https://mensenrechten.nl/nl/nieuws/probleem-dakloosheid-vraagt-om-actie-overheid.

[viii] Doorn, L. van, (2005), Leven op straat, Coutinho, Bussum. Boersma, S, e.a., (2012), Profiel van daklozen in de vier grote steden, Utrecht, IVO/Impuls/RadboudUMC.

[ix] RTL Nieuws, 26 januari 2019, Daklozen dieper in problemen door afwijzen briefadres: https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/artikel/4587881/daklozen-problemen-briefadres-afwijzing

[x] Groene Amsterdammer, 19 december 2017.

[xi] Investico onderzocht de schuldenindustrie: https://www.platform-investico.nl/dossiers/de-handel-schulden/

[xii] Wij verwijzen naar de tijdreeksen van vaste en tijdelijke banen en zzp’ers, van het CBS (Statline). Zie bijvoorbeeld: Verbiest, e.a., (2014), De toekomst van flex, TNO.

[xiii] Het aantal dakloze mensen volgens het CBS (2009-2016) en volgens de Federatie Opvang (2010-2013) is vergeleken met het aantal zzp’ers (CBS Statline) en het aandeel vaste banen (CBS). Het aantal waarnemingen is beperkt, maar de statistische relaties zijn vrij sterk aanwezig (correlaties > 0,75).