Laaggeletterdheid in zeven kernpunten
verhaal, gepubliceerd op 25 Feb 2020, door Charlotte Povel

Laaggeletterdheid is een wereldwijd maatschappelijk probleem. Elke samenleving telt mensen die moeite hebben om aan de maatschappelijke norm van basisvaardigheden te voldoen, maar desondanks rust er nog steeds een taboe op het onderwerp. Hoe staat laaggeletterdheid ervoor in een ontwikkeld westers land als Nederland? De volgende gevisualiseerde notendop tracht hier een accuraat beeld van te schetsen.
 

1. Niet louter letters

Vóór 2012 was iemand “laaggeletterdheid” als hij of zij moeite had met taal (lezen en/of schrijven). Sindsdien heeft dit concept een definitieverruiming ondergaan: naast mensen die moeite hebben met taal, vallen ook mensen die moeite hebben met rekenen onder deze noemer.

 

2. Man, vrouw, jong, oud

Laaggeletterdheid komt in alle lagen van de bevolking voor. Veel mensen durven er vanwege schaamte echter niet openlijk voor uit te komen dat ze laaggeletterd zijn en dat weerhoudt hen ervan om er iets aan te doen. Mede daardoor is het aantal laaggeletterden (in 1995 was dat 9% van de bevolking) in de afgelopen jaren gestegen.

 

3. Taal én rekenen spelbrekers

 

4. Industrie, energie en bouw bieden uitkomst

Naast taal en rekenen hebben laaggeletterden vaak ook grote moeite om te werken met moderne technologie zoals computers en mobiele telefoons. De huidige arbeidsmarkt vereist echter vaak wel een bepaald niveau van digitale vaardigheden en dat maakt het voor laaggeletterden heel lastig om een baan te behouden. Hun beroepen zijn dus ook vaak van een lagere status dan die van geletterden.

 

5. Iedereen betaalt mee

 

6. Meedoen kost veel moeite

Het is voor laaggeletterden niet makkelijk om actief deel te nemen aan een maatschappij waarin vaardigheden waar zij mee worstelen als vanzelfsprekend worden beschouwd. De consequenties van laaggeletterdheid worden door laaggeletterden dan ook op vele fronten gevoeld.

 

7. Financieel charmeoffensief van de overheid

De overheid stelt de komende vier jaar in totaal €425 miljoen beschikbaar voor de aanpak van laaggeletterdheid in Nederland. Dat geld is hard nodig, en wordt als volgt geïnvesteerd: