Interview Neal Petersen: ‘Jeetje, vijf jaar FC Afkicken. Tijd voor een feestje hé?’
verhaal, gepubliceerd op 06 Nov 2019, door Klaas Omta

De Volkskrant doopte Neal Petersen ‘de godfather van de Nederlandse voetbalpodcast.’ In de FC Afkicken-podcast reageert hij op geheel eigen wijze op die titel: hij zal je niet omleggen als hij het niet met je eens is. Oprichter van een van de grootste online voetbalimperia word je echter niet zonder slag of stoot. ‘Het zag er niet uit. Die tafel, het decor… Als ik het nu terug zie zou ik duizend dingen anders doen. Maar de basis is nog steeds hetzelfde: met liefde over voetbal praten.’

In de najaarszon, op een terras in Amsterdam Oost drinkt Neal Petersen met collega en vriend Jeroen Stekelenburg een koffie verkeerd. Laatstgenoemde vertegenwoordigt de traditionele sportverslaggeving, de ander is – met zijn online voetbalkanaal FC Afkicken – aanvoerder van een jonge online voetbalgeneratie. FC Afkicken begon in januari 2015 als een wekelijkse online voetbaltalkshow. Nu, vijf jaar later, is het gegroeid tot een verzameling van voetbalpodcasts en -talkshows over de Nederlandse competities, Italiaans voetbal, Ajax en PSV. Dat is niet het enige: FC Afkicken helpt iedereen die daar om vraagt bij het bedenken, uitwerken en produceren van hun ideeën.

Voor hij vijf jaar geleden begon met FC Afkicken had oprichter Neal Petersen (34) al een flinke carrière achter zich. Hij speelde in de A1 van FC Groningen en begon na een voetbalavontuur in Oostenrijk met de School voor Journalistiek in Utrecht. Na een jaar kreeg hij vanwege zijn voetbalkwaliteiten een beurs voor vier jaar aan de Northeastern University in Boston. Door een heftige knieblessure keerde hij echter al na één jaar terug. Van een vervolg van zijn opleiding journalistiek is het nooit gekomen. Neal werkte namelijk ondertussen als field producer bij het productiebedrijf van Talpa ‘De Wedstrijden’ en kreeg een baan aangeboden als sportverslaggever bij Omroep West. Bij een gesprek met de school gaven de docenten aan: ‘Neal, negentig procent van de afgestudeerden zoekt een baan, jij krijgt er nu al één aangeboden. Ik zou het wel weten.’

In 2008 solliciteerde hij op een vacature voor sportverslaggever bij het AD, regio Groene Hart. ‘Enige nadeel: ik had nog nooit geschreven.’ In de tweede gespreksronde zat hij tegenover de chef sport, Sidney van Dijk, en hoofdredacteur van AD Groene Hart, Jos Verlegh. Neal had een klik met Sidney, maar ‘Jos keek me zó nors aan dat ik dacht dat het nooit wat zou worden.’ Een week later kwam echter het verlossende telefoontje. Sidney had tegen Jos gezegd: ‘Hij kan misschien niet schrijven, maar hij heeft passie en is gedreven en dat is alles wat je nodig hebt.’ Die gedrevenheid mocht Neal meteen laten zien op zijn eerste dag. De sportverslaggever van zijn redactie was namelijk ziek en hij moest een stukje schrijven over een waterpolowedstrijd. ‘Ik had geen idee wat ik moest doen. Ik kwam om vijf uur terug op de redactie en had pas om negen uur mijn eerste versie af. Nu schrijf ik zo’n verhaal in een half uur.’

Zo staat Petersen in het leven: een naam of ervaring is niet nodig om iets toe te kunnen voegen, het helpt wel, maar is zeker geen vereiste. ‘Iedereen kan iets, maar je moet er keihard voor willen werken. En in het begin heel weinig verdienen. Nou ja, daarna ook, want je zit in de journalistiek.’ Hij werd op 27-jarige leeftijd programmadirecteur bij Infostrada Sports (het productiebedrijf van onder meer Voetbal Inside en de Champions League- en Nederlands Elftal-uitzendingen op RTL). De manier waarop hij zijn werk invulde – eerlijk zijn, inhoud boven reputatie en jezelf niet te serieus nemen –  leidde wel eens tot onenigheid op de redacties. ‘Ik merkte dat de gevestigde orde mijn ideeën niet fijn vond.’

Petersen kijkt graag naar American Football, omdat hij vindt dat Nederlanders daar nog veel van kunnen leren. Qua vernieuwing, maar ook hoe men de sport daar beleeft, hoe de coaches te werk gaan, hoe je een topprestatie levert. Later op de dag heeft hij een afspraak met Teun Koopmeiners – de aanvoerder van AZ. ‘Met hem kan ik daar veel over praten. Hij gelooft niet in het woord talent, maar in aanleg. Je bent verantwoordelijk voor je eigen succes.’ Beiden zijn fan van de levende American Football-legende Tom Brady, die op 42-jarige leeftijd nog steeds één van de beste quarterbacks is op het hoogste niveau in de VS. ‘Hoe ver wil je gaan om je droom te verwezenlijken? Mijn droom is FC Afkicken en daar moet ik soms offers voor maken.’

Na een jaar nam hij ontslag bij Infostrada. Tegen zijn vrienden zei hij: ‘Ik zie het wel, dit brengt me niet het plezier dat ik zoek.’ Hij was van plan om een jaar lang te gaan reizen. Een dag na zijn ontslag belde de Telegraaf Media Groep echter met de vraag of hij een dagelijkse online show over het WK wilde maken. Zo ontstond WK Daily. Na afloop vroeg Joris Boerhof, zijn huidige compagnon, of ze dit niet gewoon samen moesten gaan doen. ‘Gewoon, met z’n tweeën in een keldertje.’

Daarmee begon het online voetbalkanaal FC Afkicken, waar nu ook de diverse voetbalpodcasts onder vallen waar per maand ruim 200 duizend mensen naar luisteren. De eerste aflevering – bijna vijf jaar geleden – is in vorm nauwelijks te vergelijken met de show nu. De belangrijkste overeenkomst met nu? ‘De basis is nog steeds hetzelfde: met liefde over voetbal praten.’ De klassieke journalist heeft zichzelf volgens Petersen een te belangrijke rol gegeven. ‘Het gaat om de sporters, die weten waar het over gaat, waarom laat je die mensen niet op een leuke manier aan het woord?’ In zijn optiek is de journalist zichzelf te serieus gaan nemen. ‘Iedere journalist is een gezicht geworden.’ Waar deze opvattingen hem bij zijn eerdere banen onenigheid opleverden, zijn het nu belangrijke waarden geworden. Het is niet erg om te zeggen als je iets niet weet en het maakt niet uit hoe je heet, als je boodschap maar klopt en je jezelf niet te serieus neemt.

Die opvattingen leiden nog steeds tot botsingen met de traditionele media. Petersen vertelt over een aflevering waarin twee gasten zouden komen: Telegraafjournalist Mike Verweij en ‘vriend van de show’ Jean Paul Rison. Na de aankondiging via sociale media belde de Telegraafredactie om te vragen waarom hun journalist met een nobody aan tafel zat. De wedervraag van Petersen: ‘oké, kom je dan niet?’ Uiteindelijk was het een prima aflevering met Rison én Verweij.

De komende jaren hoopt Petersen naast de gebruikelijke doelstellingen – groei, dagelijkse content, events – vooral dat de kern hetzelfde blijft: jong talent een podium geven, met humor en inhoud praten over voetbal. Een plek waar relatief onbekende mensen, met een goed verhaal en een biertje in de hand over het komende weekend praten. ‘Je moet het ook niet groter maken dan het is, hé?’