Beerpongen met je bejaarde buurman
reportage, gepubliceerd op 01 Oct 2017, door Susan Wichgers

De meeste mensen gaan pas naar een bejaardentehuis als ze oud en versleten zijn. In woon- en zorgcentrum Humanitas in Deventer ligt dat wel even anders: daar wonen namelijk zes studenten, verspreid door het bejaardentehuis. ‘Het enige verschil met een studentenhuis is dat mijn buren geen leeftijdsgenoten zijn.’

Anneloes Olthof (25) bereidt vanavond de broodmaaltijd voor de ouderen. Ze zet water op voor de eieren, waarna ze de tafels voorziet van brood, beschuit en allerlei beleg. Ondertussen maakt ze hier en daar een praatje met haar bejaarde huisgenoten. ‘Anneloes, wat zie je er goed uit vandaag! Nooit geweten dat jij een bril droeg.’ Als Olthof uitlegt dat de bril slechts ter decoratie is, vallen de ouderen bijna van hun stoel van verbazing. ‘Ach… Nou, het staat je beeldig.’

Olthof is net klaar met haar studie SPH en kwam een jaar geleden als ‘woonstudent’ bij Humanitas in Deventer. ‘We leren veel van elkaar. En die complimentjes, dat is natuurlijk ook leuk’, grinnikt ze. ‘Het is mooi om op deze manier iets voor iemand te kunnen doen, maar zij doen ook veel voor mij. Het voelt eigenlijk alsof ik tientallen opa’s en oma’s heb.’ ‘Net mijn eigen kleinkinderen!’, beaamt een oudere bewoner vanaf de andere kant van de zaal. Olthofs vriend Michael Snelder (25) maakt ondertussen in dezelfde keuken kip madras – uit een pakje, het blijven immers studenten – voor hen twee. Als de eieren te zacht blijken te zijn, geven de ouderen hem de schuld. Snelder lacht. ‘Als ik hier ben help ik ook wel eens een handje mee, dus ze kennen me inmiddels.’

Vrijwilligerswerk

Naast het verzorgen van de dagelijkse broodmaaltijd, overigens een initiatief van de studenten zelf, verwachten ze bij Humanitas van de woonstudenten dat ze zo’n dertig uur per maand vrijwilligerswerk doen. In ruil daarvoor wonen ze gratis. ‘Die uren zijn vooral voor op papier. In werkelijkheid moet je gewoon een goede buur zijn voor de ouderen’, legt woonstudent Sores Duman (27, studeert communicatie) uit. ‘Biertjes drinken en voetbal kijken met een bewoner, samen koken, vrouwen die samen nagels gaan lakken, dat soort kleine dingen die eigenlijk vanzelf gaan. Het voelt niet als werk.’

Een studentenleven leiden met laat thuiskomen, uitslapen en dat soort zaken: dat is hier helemaal geen probleem. ‘De ouderen vinden het fantastisch als ik laat thuis kom en zij al wakker zijn’, vertelt Duman. En een lege gymzaal in het gebouw leent zich perfect voor feestjes. ‘Laatst was een andere woonstudent jarig, dus hij gaf een feest en nodigde ook de ouderen uit. Zij doen dan ook gewoon mee met beerpong’, zegt Duman alsof het de normaalste zaak van de wereld is. ‘Het is hier ook verrassend normaal. Het enige verschil met een studentenhuis is dat mijn buren geen leeftijdsgenoten zijn. Je moet het niet zien als een bejaardentehuis, maar als een community.’

Slacontainer

Het gebouw is van alle gemakken voorzien: er zijn veel gemeenschappelijke woonkamers, een grote tuin, een winkel, een wasserette en een fitnessruimte, waar de studenten ook gebruik van mogen maken. Doordat er zoveel ruimte is, zijn de gekste initiatieven mogelijk. In de tuin staat bijvoorbeeld een gigantische zeecontainer: eigendom van woonstudent Jurriën. Hij verbouwt er sla, en verkoopt dat vervolgens aan Humanitas en andere organisaties. Harry ter Braak (91) helpt mee met de slacontainer. Terwijl hij twee beschuitjes met boter besmeert, vertelt hij trots: ‘Jurriën is mijn overbuurman. Ik wist dat zulke slacontainers al bestonden. Dus ik zei tegen hem: “wij moeten het anders aanpakken. Met betere hygiëne dan de anderen, bijvoorbeeld.” Nu werken we met van die witte labjassen en handschoenen.’

Dat lijkt de kracht te zijn van Humanitas, die vanzelfsprekende omgang tussen de ouderen en de studenten. De studenten helpen niet alleen de ouderen; ze helpen elkaar. Olthof is ondertussen bij de ouderen aan tafel gaan zitten, terwijl ze af en toe een glaasje melk inschenkt voor haar huisgenoten. ‘Het is hier altijd gezellig. Je bent nooit alleen’, zegt Olthof met een glimlach. De oudere bewoners zijn het roerend met haar eens. Ze vinden het vooral leuk dat de verhalen van de studenten de buitenwereld naar binnen brengen, ze zorgen voor wat leven in de brouwerij. ‘Ik ben een grote feestganger, dus toen Patrick laatst jarig was en een feest gaf, heb ik de boel mooi op stelten gezet’, vertelt Ter Braak lachend. ‘Het is fantastisch, wonen met die studenten. We zijn échte vrienden.’